Vastgoed circulair onderhouden

BLOG
Duurzaamheid
Beleid & advies
Gert-Peter Janssen
Senior technisch deskundige bij Gemeente Arnhem
06 juli 2021
De circulaire economie organiseren hoeft niet altijd met grootse en meeslepende plannen. Het kan ook met kleine praktische maatregelen. Gert-Peter Janssen van de gemeente Arnhem zorgt voor hergebruik van materialen die vroeger gewoon werden weggegooid. “Niet te lang nadenken, gewoon aan de slag gaan.”

Het is eind 2015 als Gert-Peter Janssen de tv aanzet voor een aflevering van de VPRO-programma Tegenlicht. Aan het woord komt architect Thomas Rau, pleitbezorger van het circulaire bouwen. “Rau zei: ‘Alle dingen worden nu gemaakt om kapot te gaan in plaats van om heel te blijven.’ Die boodschap had impact op me,” zegt de senior technisch deskundige op de vastgoedafdeling van de gemeente Arnhem. “Ik ben naar mijn afdelingshoofd gestapt en heb gezegd: hier wil ik iets mee.”

Divers gebouwenbestand

De gemeente Arnhem bezit ruim honderdvijftig gebouwen in de stad, bij elkaar zo’n 10 à 15 procent van de utiliteitsgebouwen. Een heel divers bestand, vertelt Gert-Peter, uiteenlopend van musea, scholen en sportcomplexen tot gemaaltjes en multifunctionele centra. “We zijn verantwoordelijk voor beheer en onderhoud van deze panden inclusief de gebouwgebonden installaties. Dus daaraan moet geregeld iets gebeuren.”

Prima bruikbaar

Op het moment dat Gert-Peter zijn plannen smeedt, speelt circulariteit in de praktijk van het gemeentelijk vastgoed van Arnhem geen rol van betekenis. “Bij het vervangen van een dak of bij herinrichting van een pand stonden altijd grote containers met afval voor de deur,” blikt hij terug. “Volle bakken werden afgevoerd, nieuwe materialen erin. We creëerden zelf de schaarste aan bouwmaterialen. Zonder erbij stil te staan. Terwijl veel van die materialen nog prima bruikbaar waren. Dat moest anders.”

Doe-stukken

Ondanks de bestaande praktijk ziet Gert-Peter mogelijkheden om het gedachtegoed van Thomas Rau toe te passen. “Ik zag veel discussiestukken, maar ik wilde doe-stukken. Gewoon beginnen.” Wanneer er op een goed moment een paar garageboxen in de stad in de verhuur komen, voegt hij de daad bij het woord. Samen met een paar geestverwante collega’s richt hij de boxen in als opslag voor cv-ketels, tl-armaturen, deuren, close-in boilers en andere spullen die bij onderhoudswerkzaamheden van gemeentepanden vrijkomen.

Footprint

Nu gaat er sinds twee jaar een gestage stroom spullen bij het Arnhemse circulaire gemeentelijke vastgoeddepot naar binnen en naar buiten, vertelt Gert-Peter. “Allemaal spullen waar niks mee mis is en die aan alle wetten en eisen voldoen: NEN-normen, Bouwbesluit, alles. Die kunnen nog jaren mee. Led-panelen, zelfs schakelaars van meterkasten. Er zijn al minstens tien cv-ketels en honderdvijftig zonnepanelen hergebruikt, maar ook beveiligingscamera’s, elektramateriaal, hout en nog veel meer. De huur van de loods hebben we inmiddels allang terugverdiend. Maar het belangrijkste is dat we zo onze footprint verkleinen.”

Contractpartijen

“Het mooie is dat verschillende contractpartijen zijn aangehaakt,” vertelt Gert-Peter. “Aannemers die actief op ons af komen om te vragen of er nog spullen zijn die ze kunnen komen brengen of juist halen. En een bedrijf dat storingen voor ons oplost, heeft zelf een hele ‘winkelstraat’ met herbruikbare materialen ingericht. Zo steken we elkaar aan!”

Cultuur

Je zou je kunnen afvragen waarom deze eenvoudige oplossing niet eerder van de grond is gekomen. Gert-Peter verklaart dat vooral uit de eigen cultuur van de organisatie. “Het is inderdaad allemaal niet zo ingewikkeld of wereldschokkend. Maar gemeentes zijn in het algemeen niet zo vernieuwend. We lopen meestal niet voorop. Maar je moet af en toe je kop durven stoten, vind ik.”

Omslagpunt

Om zich heen ziet Gert-Peter niettemin verschillende positieve ontwikkelingen op het gebied van verduurzaming. “De afdeling Openbare Ruimte van Arnhem is al langer actief, zij lopen voorop. En samen met een zestal collega’s zit ik in een werkgroep Circulariteit die los van het staande beleid brainstormt over oplossingen. Maar het omslagpunt hebben we voor mijn gevoel nog niet bereikt.” 

Circulair aanbesteden

Een van die oplossingen is het opnemen van circulariteit in aanbestedingen. “Je kunt bij onderhoudsprojecten bijvoorbeeld, tachtig procent hergebruikte materialen eisen. Dat is nu nog toekomstmuziek, want voor inkopers is dat nieuw en dus lastig. Toch vind ik dat we die handschoen moeten oppakken.”

Van bezit naar gebruik

Kijkend naar de toekomst denkt de technisch adviseur terug aan de Tegenlicht-uitzending met Thomas Rau en aan het boek dat Rau met collega Sabine Oberhuber schreef: Material Matters. “Daarin stellen ze onder meer een alternatief verdienmodel voor waarin consumenten betalen voor het gebruik in plaats van het bezit, bijvoorbeeld autogebruik in plaats van autobezit. Vertaald naar mijn werk betekent het dat een aannemer eigenaar blijft van de bouwmaterialen, en ze na gebruik weer terug krijgt. Ik denk dat dat model de tendens wordt.”

Kleine stappen

“Waar ik vooral de nadruk op wil leggen, is dat groot niet altijd beter is dan klein. Dat zie je aan dit voorbeeld van de circulaire opslag in Arnhem. Bij duurzame innovaties gaat het vaak over grote beeldbepalende projecten, maar ook op kleine schaal zijn stappen mogelijk. Het grote voordeel is: die kleine stappen kan iedereen gewoon zetten, dan gebeurt er wat. Niet te lang nadenken dus, gewoon aan de slag gaan.”