BIM en GIS beter met elkaar laten ‘praten’

BLOG
Innovatie
Hans Lammerts
BIM- en CAD-specialist
21 januari 2022

De digitalisering in de bouw is een groot goed, maar zelfbenoemd ‘GeoBIM specialist’ Hans Lammerts ziet nog volop mogelijkheden voor verbetering. Bijvoorbeeld door in een vroeg stadium de kenmerken van de fysieke omgeving te betrekken bij het ontwerp. 

Als ontwerper van civiele constructies heeft Hans Lammerts (46) de snelle veranderingen van digitalisering binnen zijn vakgebied van dichtbij en met grote betrokkenheid gevolgd. Niet alleen het traditionele CAD-tekenen, maar ook het werken met grootschalige 3D-modellen. Vier dagen per week is hij actief bij aannemer Heijmans en één dag als zelfstandig consultant.

 

Hans noemt zichzelf “een vak-freak met van nature een soort pitbullmentaliteit, in de positieve zin van het woord. Het geeft me energie om me ergens in vast te bijten. Als iets in eerste instantie niet mogelijk lijkt ga ik toch op zoek naar een oplossing. En ik vind het fijn om als consultant mijn kennis te delen.”  Het belangrijkste vraagstuk waar hij de afgelopen tijd heeft hij energie heeft gestoken is het beschikbaar maken van GIS-data voor BIM in de ontwerppraktijk. “Daar valt duidelijk nog winst te boeken, zowel in tijd als geld.”

 

GIS

Het principe van GIS (Geografisch Informatiesysteem) ontstond in de tweede helft van de vorige eeuw in de wetenschapsdiscipline geografie. Met GIS worden data locatie-gebonden vastgelegd. Naast tastbare objecten zoals wegen, woningen en leidingen zijn dat ook aspecten als bestuurlijke gebiedsindelingen, eigendomsverhoudingen en energiewaarden. GIS heeft inmiddels een hoge vlucht genomen, met toepassingen in remote sensing, routeplanners en GPS-robotica.

 

“Van oudsher worden data in GIS in 2D vastgelegd, maar 3D is in opkomst, via allerlei webapplicaties,” vertelt Hans. “Een bekend voorbeeld is de integratie van Google Maps en 3D-streetview. De ontwikkeling is dat CAD/BIM- en GIS-data op den duur met elkaar gaan integreren. Dat is het onderwerp waar ik me nu op richt.”

Visualiseren

De bouwsector zette eind 20e eeuw een digitale stap vooruit met de introductie van BIM (Bouwwerk Informatie Model), waarin architect, constructeur, werkvoorbereider en andere betrokkenen informatie delen via één centraal digitaal model. Als ontwerper van kunstwerken heeft Hans veel praktische ervaring met 3D. Hij vat ‘BIM’ dan ook op als een werkwoord. “Het vroegtijdig delen van ontwerpdata maakt het bouwproces zeker efficiënter,” zegt hij. “Bovendien zijn 3D-visualisaties voor ons tegenwoordig een must om betrokkenen mee te nemen in ontwerpkeuzes.”

Het luchtledige

De afgelopen jaren zag hij wel een terugkerend patroon: veel 3D-gebouwmodellen bestaan als een digitale entiteit in een soort niemandsland, “enigszins vergelijkbaar met de witte omgeving uit de film The Matrix. Het model is niet verbonden met data uit de wereld om ons heen. Pas in een laat stadium wordt het BIM-model op de kaart geplaatst, vaak vlak voor de realisatie. Naar mijn beleving veel te laat.”

“Uiteindelijk moet ieder ontwerp natuurlijk ergens landen in de fysieke omgeving. Dan blijkt vaak dat er toch iets over het hoofd is gezien, boven- of ondergronds. Ik heb dat diverse keren meegemaakt. Bouwprojecten waarbij het maaiveldniveau onduidelijk is. Of een uitbreiding van een gebouw dat onder een andere hoek aansluit binnen een perceel. Dan is het nog een heel karwei om alles aan te passen en het leidt tot extra kosten. Dat wil je voor zijn. Mijn advies is daarom om altijd te starten met de omgeving als uitgangspunt.” 

Bestandsformaten

Maar dat laatste is makkelijker gezegd dan gedaan. De communicatie tussen de twee systemen verloopt allesbehalve soepel. Hans: “In de ideale situatie selecteer je vanuit je BIM-systeem met één druk op de knop alle benodigde data voor een bepaald gebied. Maar zover zijn we nog niet. Zonder het al te technisch te maken, GIS gebruikt een breed scala aan bestandsformaten en technieken, gebaseerd op rasters (pixels), vectoren en vlakken of puntenwolken. En de huidige generatie BIM-software is onvoldoende in staat is om GIS-data te verwerken.”

Voorbeeld

Een recent voorbeeld van dit probleem is de GIS-database die het Kadaster heeft ontwikkeld. Hierin is iedere vierkante meter van Nederland in 3D vastgelegd en beschikbaar gemaakt in het bestandsformaat CityJson. “Dat biedt veel potentie, maar voor ontwerpers in mijn vak is het complex en tijdrovend om het werkbaar te maken voor BIM. Je moet behoorlijk van GIS-kennis hebben. Zou het niet mooi zijn als we dit structureel kunnen oplossen door het bij de bron aan te pakken?”

Voeten in de modder

Bij die bron-aanpak doemt een achterliggend probleem op: van oudsher zijn GIS en BIM gescheiden werelden. “En ik durf te stellen dat het ook schort aan structureel overleg tussen GIS- en BIM-specialisten,” zegt Hans. Toch ziet hij hoopvolle ontwikkelingen, zoals de oprichting van GeoBIMexperts, een gespecialiseerd adviesbureau waarbij hij zich onlangs heeft aangesloten. “Binnen GeoBIMexperts focus ik me op toepassing in de praktijk. Net als andere civiele ontwerpers die ‘met de voeten in de modder staan’, ervaar ik problemen met slecht-communicerende software aan den lijve.”

Praten

Ander goed nieuws: het Kadaster staat open voor Hans’ initiatief om de implementatie van GIS 3D voor BIM toepassingen te bespreken. “Het onderwerp staat op de agenda van zowel het Kadaster als Digigo, de koepelorganisatie die gaat over digitalisering van de gebouwde omgeving. Volgens mij moet het mogelijk zijn om deze openbare dat via universele open standaarden, met duidelijk beschreven werkwijzen, voor iedereen beschikbaar te maken. Zodat ook ontwerpende partijen sneller en beter inzicht kunnen krijgen in de situatie buiten. Dat vermindert re-design en faalkosten. Daar zit uiteindelijk de grote winst als GIS en BIM beter met elkaar gaan ‘praten’.”