ENERGIEPARK LEIDEN III

    Hans Sparreboom
    Ontwikkelaar van Zelfbouw

    Een unieke samenwerking tussen gemeente, marktpartijen en buurtinitiatief. Het Energiepark Leiden, vanuit drie hoeken bekeken. Aan het woord is Hans Sparreboom, directeur Steenvlinder en spreekbuis voor de deelnemende marktpartijen.

    Wat betreft techniek denk ik dat alles wel op te lossen is, maar ik ben bang dat ons ambitieniveau te realistisch moet worden.”


    Hans is altijd aan het puzzelen met de stenen en de mensen in de stad. Hoe zijn stenen dienstbaar aan de mens? Als ambtenaar boog hij zich hier 25 jaar lang over. En nu geeft hij samen met zijn voormalig wethouder, Marnix Norder, uiting aan hun filosofie binnen Steenvlinder. “Wij laten niet meer een ontwikkelaar bepalen hoe een stad zich ontwikkelt, maar dat laten we de mensen zelf doen.” 

    Drie-eenheid

    Het unieke aan Energiepark Leiden is volgens Hans de samenwerkingsvorm. Want binnenstedelijke ontwikkeling en complexe opgaven zijn niet uniek. De drie eenheden die gelijkwaardig aan elkaar werken aan gebiedsontwikkeling wel, te weten: gemeente, buurtinitiatief en marktpartijen. Hans: “Je bent van elkaar afhankelijk, je moet naar elkaar luisteren en soms slikken voor de beste oplossing.” En zelfs dat laatste is volgens hem leuk, omdat je dan bruggen slaat en draagvlak creëert. 

     

    Complementair

    Hans neemt namens de marktpartijen deel aan het kernteam [samen met de gemeente Leiden en buurtinitiatief Nieuw Leids Bolwerk]. Een logische keus, want hij is er vanaf het prilste begin bij betrokken. De marktpartijen zijn volgens hem complementair aan elkaar. “BPD [Bouwfonds Property Development] is echt een powermachine, zij bouwen jaarlijks 4500 woningen, ter vergelijking: wij een paar honderd. Zij nemen zoveel kennis en kunde mee en bekijken alles vanuit het grote geheel. Wij zijn specialist in zelfbouw, participatie, en de maatschappelijke deler. Wij kijken vanuit de kleine, individuele korrel, woninkje voor woninkje. Eigenlijk een match made in heaven.” En dan ook nog aangevuld worden met MeyerBergman, exploitant en organisator van cultureel erfgoed. Hans: “Het concept dat we neerzetten, hoe gaan de mensen daar samen leven, samen werken, samen recreëren, samen wonen. Aan dat concept moet MeyerBergman invulling geven.” Samen weten de marktpartijen wat haalbaar is, zowel financieel als markttechnisch. 

     

    Haalbaar

    Precies om die reden zijn BPD en Steenvlinder aangehaakt na het bestuderen van de casus. “Het leek ons een haalbare casus, want wij kunnen de partijen bij elkaar brengen. En de ambitie van zowel buurt als gemeente was op sommige vlakken niet reëel. Wij konden realiteit brengen. Zo wilde de gemeente een gas-verdeelstation verplaatsen. Dat is een doos ter grootte van 2 à 3 bouwketen. Maar dat is niet alleen het verplaatsen van die doos, maar ook van alle gasleidingen. Dat kost al snel 60 miljoen, waar haal je dat vandaan? Wij zagen een kans en een taak.” 

    En in die samenwerkingsvorm worden de nodige discussies gevoerd. Soms is de realiteit minder idealistisch dan gewenst. Bijvoorbeeld, wanneer een gedeelte park vanuit financieel oogpunt toch moet wijken voor huizen. “Geld genereer je door woningen te verkopen, want met geld betaal je alles”, geeft Hans aan. Kies je dan voor 6-laags en bouw je massa in het park erbij? Of kies je dan voor 8-laags en bouw je erbovenop, zodat je niet in het groen hoeft te bouwen? Voor alles is wel iets te zeggen. Toch blijken veel zaken met elkaar vanzelf tot een oplossing te komen. 

     

    Werkgroepen 

    Veel bewondering heeft Hans voor Rutger van het Nieuw Leids Bolwerk. “Als directeuren en wethouders zeggen: we gaan naar links, dan volgt iedereen. Als Rutger zegt: we kiezen acht bouwlagen, dan is dat veel lastiger te managen in de buurt.” Dat betekent dat de dialoog niet alleen gevoerd moet worden in het kernteam, maar ook in verschillende werkgroepen. Zo is er een werkgroep mobiliteit, park, programma … Op deze manier hebben er voldoende mensen uit stad en buurt inspraak. Ook worden er digitale enquêtes uitgezet. Hans: “We zijn continu bezig om contact te zoeken met iedereen en dan gaan we puzzelen met het resultaat.” 

    Oud zeer

    Wat Hans bijzonder vindt, is dat oud zeer vanuit de buurt richting MeyerBergman nog niet helemaal over is. Juist omdat MeyerBergman nu alles maximaal onderschrijft. Hans: “Ze zijn verkeerd begonnen, samen met de gemeente, en dat wordt hun kwalijk genomen. Maar dat is gek, want de gemeente was ook onderdeel van dat moment en die nemen ze niets kwalijk.” De buurt ging ten tijde van de eerste plannen de barricades op, omdat de boodschap gebracht werd als: zo gaan we het doen. “Nu zijn ze zo’n integraal onderdeel van het geheel, het is tijd om dit te begraven, het is niet meer aan de orde.” 

     

    Standpunten en dilemma’s

    De drie-eenheid heeft het druk, want aan het einde van dit jaar moet het plan klaarliggen. 

    Op dit moment wordt de visie behapbaar gemaakt. De locatiekaders zijn gezet en de standpunten van de werkgroepen worden verzameld. Iedere twee weken worden de tussenresultaten gedeeld tijdens een wisselspooroverleg, informatie wordt gecombineerd, er volgen nieuwe instructies en iedereen kan weer verder. Eén november moeten de werkgroepen hun resultaten inleveren, dan wordt alles op elkaar gelegd en kunnen ze de buurt in om de overgebleven dilemma’s te bespreken. 

    Mobiliteit is zo’n item waarvan Hans voorziet dat deze gaat spelen. “Mobiliteit gaat nu meer om de beweging dan om het object.” Terwijl de buurtbewoners nog opgegroeid zijn met ‘het recht op’ alle ruimte voor de auto. “Wat betreft techniek denk ik dat alles wel op te lossen is. Je kunt natuurlijk drie ondergrondse verkeerslagen bouwen, maar dat kost zoveel geld. Dat kun je vervolgens niet meer steken in de kwaliteit van de omgeving. Ik ben bang dat ons ambitieniveau te realistisch moet worden.” Zodra de realiteit zich vertaalt in geld, wordt een mogelijk uniek plekje een mooi plekje. Maar ook dan is Hans tevreden. 

    “Als we minder kwaliteit generen, dan is onze stelling: dan is dat dus het maximaal haalbare van wat we op dat moment als maatschappij kunnen bereiken. En die verbetering gaat heus wel een keer plaatsvinden, al is het in 2153. Een stad is niet een gefixeerd beeld, alles wat we maken, verandert en krijgt uiteindelijk een nieuwe invulling. Er gebeurt van alles in zo’n stad. Dan hebben we alleen op dit moment niet bereikt wat we wilden, maar op de lange termijn komt alles goed. Dat is überhaupt het motto in het leven.”  

    Krachtige kerngroep

    In de kerngroep wordt er in ieder geval alvast een stevig fundament gelegd om in de doefase door te pakken. Praten om het praten is niet aan de groep besteed, er is sprake van constructief overleg.  

    En de dynamiek in de kerngroep werkt. Want met het oog op de Omgevingswet is dit natuurlijk een schoolvoorbeeld van participatie. De uiteindelijke vruchten worden door de marktpartijen geplukt in de vorm van nieuwe kansen na een prachtig aangevuld cv, maar hopelijk ook in de ontwikkeling zelf, wanneer er echt geld verdiend kan worden. 

    “Het lijkt te lukken en ik ben zo vreselijk trots op Rutger. Hij moet de buurt vertegenwoordigen, organiseren, managen. En hoe hij dat doet, ongelooflijk. Maar ik ben ook ontzettend trots op Simone. Zij heeft durf en is zo open en transparant, zo eerlijk, integer en toch krachtig. Zo iemand als Simone heb ik nog niet eerder meegemaakt. Ik ben trots op hoe wij dit managen.”  

     

    Op de hoogte blijven van interessante verhalen van professionals? Meld je dan aan bij de community.

    Aanmelden community

     

    Lees verder

    Bloggers uitgelicht

    Kirsten Bekkers
    Kirsten Bekkers
    Ruimtelijk onderzoeker conceptontwikkeling
    Jan Nathan Rozendaal
    Jan Nathan Rozendaal
    Burgemeester gemeente Elburg
    Astrid Nienhuis
    Astrid Nienhuis
    Burgemeester gemeente Heemstede
    Andy van den Dobbelsteen
    Andy van den Dobbelsteen
    Hoogleraar Climate Design & Sustainability, fac. Bouwkunde TU Delft