“De huidige chaos brengt ons definitief in energietransitie”

Duurzaamheid
Innovatie
Walter Jansen
Senior Projectleider
09 juni 2022

Er is duurzaam leiderschap nodig om tot een circulaire wereld te komen, maar politici en ceo’s laten het grotendeels afweten, ziet transitiespecialist energie en duurzaamheid Walter Jansen. Toch geven de radicale veranderingen die we nu als chaos ervaren hem hoop. “We moeten  de huidige crises benutten om naar circulariteit te kantelen en te versnellen. Dat moet ook, de klok tikt, we zitten op veel fronten in de gevarenzone.”

De ongerustheid van Walter Jansen (57) over onze economie en onze planeet is niet van vandaag of gisteren. Eind jaren 80 werden zijn ogen al geopend toen hij zich verdiepte in het rapport De grenzen aan de groei van de Club van Rome en het Brundtland-rapport uit 1987. Dat was het begin van wat hij ‘zijn eigen transitie’ noemt. “Vanaf midden jaren 90 ben ik helemaal om. Mijn passief/actiefhuis van 2005 is helemaal aardgasloos, ik heb nog nooit voor energie betaald, alleen ontvangen. Zo word je onafhankelijk en houd je de geldstromen circulair. Dat wens ik iedereen van harte toe.”

Onrust

De laatste tijd neemt Walters onrust alleen maar toe. Onder meer door de opeenvolgende IPCC-rapporten, die steeds duidelijker bevestigen dat de klimaatstijging over de 1,5 graad heen gaat. “Door deze inzichten worden de onzekerheidsmarges die in de eerste rapporten zaten steeds kleiner. En we kunnen het ook om ons heen zien aan het toenemende extreme weer overal op aarde.”

En daarbij komen die andere crises waarmee ons land nu te maken heeft: de wooncrisis, de grondstoffencrisis, voedselcrisis, drinkwatercrisis, de huidige geopolitieke crisis en de daarmee samenhangende energiecrisis. Walter: “Het laat zich samenvatten tot één woord: chaos. En hoewel ik er zelf behoorlijk onrustig van wordt, denk ik dat we, zoals Jan Rotmans zegt, de chaos moeten omarmen. Dat is nodig om te veranderen.”

Duurzaam leiderschap

Om het tij te keren is in Walters ogen integraal duurzaam leiderschap nodig. Daarmee doelt hij op leiders die visionair en realistisch zijn, die de kop niet in het zand steken en die circulair denken. “Mensen als Herman Wijffels, Jan Rotmans en Andy van den Dobbelsteen, Anke van Hal, Kees Klomp en vele anderen koplopers. En Marianne Minnesma van Urgenda natuurlijk, die heeft bijna vanuit het niets ontzettend veel voor elkaar gekregen.”

Maar, geeft hij toe, dit zijn vooral wetenschappers, mensen die zich niet in het hart van de besluitvorming bevinden. En onder politici en topmensen in het bedrijfsleven ziet hij dit type leiderschap heel weinig. Een kleine uitzondering wil hij maken voor Diederik Samson en Frans Timmermans. “Het zou goed zijn geweest als de Europese Green Deal tien jaar eerder in gang zou zijn gezet, maar beiden maken zich nu wel hard voor de economische transitie. Ze benutten de huidige crises voor een robuust circulair Europa.”

Te weinig bèta’s

Een van de problemen die Walter signaleert in de Nederlandse politiek: in de bankjes van gemeenteraden, Provinciale Staten en de Tweede Kamer zitten vrijwel geen bèta’s. “Dat vind ik een probleem,” zegt hij. “Politici snappen de vraagstukken vaak helemaal niet of onvoldoende. In zekere zin ligt het ook aan de bèta’s zelf. Die hebben vaak geen zin in de politiek omdat in die wereld vooral belangen centraal staan in plaats van objectieve inhoudelijke  afwegingen.”

In Walters ogen kun je grote beslissingen over de energietransitie op landelijk, regionaal en gemeentelijk niveau simpelweg niet overlaten aan bestuurders, volksvertegenwoordigers en beleidsambtenaren alleen. “Je hebt de wetenschap en de samenleving als geheel nodig om vanuit een objectieve basis een dialoog met elkaar aan te gaan. Er is een ‘gap’, tussen de overheid enerzijds en bewoners en bedrijven anderzijds, waardoor er geen of nauwelijks communicatie en interactie is. Er is vervreemding en onbegrip, zeker als de overheid besluiten neemt waarin de samenleving niet gehoord is. Als deze primaire basis er niet eens is, is een transitie in een democratische samenleving niet mogelijk.”

Warmtemanifest

Walters schetst wat er in het recente verleden verkeerd ging met de warmtenetten. “Voor de liberalisatie van de energiemarkt zijn warmtenetten ontwikkeld met publiek geld, beheerd door nutsbedrijven. Maar terwijl de gas- en de elektriciteitsnetten in publieke handen bleven, kwamen warmtenetten in handen van commerciële partijen. Dit neoliberale idee is een vergissing. Er moet voor iedereen een sociale warmtevoorziening zijn. Met een coöperatie of een andere structuur waarin bewoners participeren.”

Hij pleit voor warmtenetten volgens Deens model. “In Denemarken hebben ze coöperatieve warmte/koudenetten die onder de bevolking een groot draagvlak genieten. En de totale kosten zijn lager dan hier.” Hij schreef daarom mee aan het Warmtemanifest, een initiatief van onder andere hoogleraar transitiekunde Derk Loorbach. Een belangrijkste stelling hierin: kies bij warmtevoorzieningen voor de oplossing met de maatschappelijk hoogste waarde in plaats van de maatschappelijk laagste kosten - een breuk met de gangbare praktijk.

RES’en

Een ander voorbeeld van hoe het volgens Walter níet moet: de Regionale Energie Strategieën. “De RES’en zijn top-down processen die vanuit het Rijk naar de lagere overheden worden gedelegeerd. Uitzonderingen daargelaten, doen burgers daarbij voor vorm mee, met een schijnparticipatie in plaats van co-creatie. Dat ondermijnt het draagvlak en vertrouwen van de mensen in de wijk, zoals het Planbureau voor de Leefomgeving ook opmerkt in haar RES-monitoring.”

Ook de volgorde in het RES-proces is in zijn ogen onlogisch. “Nu worden eerst productielocaties aangewezen voor wind en zon, terwijl we moeten starten met de energievraag, energievraagreductie en de gebouw- of woninggebonden hernieuwbare energie. Pas daarna moet de stap naar blok- of wijkvoorzieningen voor hernieuwbare energie met energieuitwisseling worden onderzocht. En dan pas op het niveau van het dorp, stad of regio de mogelijkheden voor zon en wind kan toepassen. Dit laatste wel met volledige co-creatie van bewoners en bedrijven.

Goede voorbeelden

Goede voorbeelden zijn er ook. Walter wijst onder meer op de coöperatieve warmtevoorzieningen in Culemborg en Nagelen, waarin bewoners samen in hun eigen energiebehoefte voorzien. Op landelijk en regionaal niveau bestaat Energie-Samen, dat de belangen van lokale energiecoöperaties vertegenwoordigt richting politiek en bedrijfsleven. Lokale energiecoöperaties zijn redelijk goed geworteld in de samenleving. Dat zorgt voor vertrouwen en betrokkenheid om zelf de regie te nemen in plaats van commerciële energiepartijen die primair voor de profit gaan.”

Circulaire economie

Nog meer dan de energietransitie vraagt een circulaire economie om een systeemverandering. Daar is ook een gedragsverandering voor nodig. Een andere manier van produceren en consumeren. Walter: “Spullen weggooien is nu te makkelijk doordat ze weinig waarde hebben. Vroeger gooiden onze ouders weinig weg omdat waardevol was en nieuw te duur was. Ze vermaakten hun oude spullen.”

Als het gaat om circulariteit staan we nog steeds aan het begin, stelt Walter. Circulaire economie moet leidend zijn, op het gebied van bouwen, consumentenproducten, voedsel, energie. “Maar het gaat allemaal veel te langzaam. Dat zie je ook in de basis, in de economie-opleidingen zoals die van de Erasmus Universiteit. Jan Rotmans en Derk Loorbach hebben dit probleem aangekaart, maar vooralsnog is nog steeds de lineaire economie leidend in Rotterdam. Onbegrijpelijk.”

Onbalans

Het gaat niet om kleine aanpassingen binnen aparte domeinen, wil hij maar zeggen. De klimaatcrisis is ook een economische en humanitaire crisis. “Droogte in Afrika brengt stromen klimaatvluchtelingen naar het noordelijk en zuidelijk halfrond op gang. Tekort aan grondstoffen maar ook machtpositie op grondstoffen zorgt voor conflicten tussen landen. De lineaire economie brengt onbalans, en onbalans vergroot het risico van oorlog.”

Denktank

Graag zou Walter met gelijkgestemden – ingenieurs, techneuten, transitie-economen – een denktank vormen om de circulaire economie dichterbij te brengen. Een groep gedreven mensen – junior, medior, senior – die de circulaire wereld dichterbij brengt. “Vanuit het hart, gebaseerd op objectieve en wetenschappelijke  feiten, met een klein beetje activisme,” zegt hij. “Misschien zou het wel een extra circulaire poot van Urgenda of DRIFT kunnen zijn.”

Chaos

Van één ding is hij overtuigd: “Bij onrust zoeken we allemaal naar kalmering. We vinden het fijn als dat gemaskeerd wordt door iets anders, door een afleiding. Maar de mensen die ik over deze thema’s spreek zijn vaak geraakt en verwonderd doordat ik zaken als energie, duurzaamheid,  tweedeling in de samenleving  objectief reflecteer.  ‘Er gaat een wereld voor me open,’ zeggen ze dan. Soms raken ze een beetje in paniek. Dat is net wat ik beoog. Het is nodig, want de klok tikt. Chaos opent nieuwe noodzakelijke perspectieven. Niets doen is simpelweg geen optie. 

Spiegel

Walter roept iedereen op om zichzelf die spiegel voor te houden. Wat voor wereld willen wij voor onze kinderen achterlaten? En daarin vervolgens de absolute verantwoordelijkheid nemen. “Kijk naar je eigen footprint en koppel dit aan de voor jou beschikbare ruimte. We moeten terug naar de menselijk maat, die voor iedereen gelijk is, om met elkaar in balans te zijn en te blijven. Dat is de circulaire uitdaging voor de komende 100 jaar!” Om af te sluiten met een indringende vraag: “Hoe groot is jouw voetprint en wat ga doen om die in balans te krijgen met je medemensen van nu en straks?”