Bruggen in beweging

BLOG
Beleid & advies
Duurzaamheid
Projectmanagement
Josse Reinsma
Adviseur bij Jonge Honden
30 juni 2021
In de aankomende 20 jaar mag Nederland zo’n 40.000 bruggen vervangen. Wat een opgave. Al die oude bruggen kunnen wel wat nieuw gedachtegoed gebruiken om zo de boel in beweging te brengen. En laat de boel in beweging brengen nou precies zijn waar de adviseurs van Jonge Honden zich op richten.  

Josse Reinsma, een jonge hond, met zijn 30 jaar misschien iets minder jong dan zijn collega’s, maar toch! Jong van geest, dat sowieso. Hij heeft de nieuwsgierigheid om de juiste vragen te stellen en daarmee beweging te bewerkstelligen. Beweging binnen de ruimtelijke sector, bij sociale geografen, woningcorporaties, gemeenten, zorg en welzijn, duurzaamheid en communicatie. Lekker divers. Net zoals de jonge honden waarmee hij werkt. 

Losse eilandjes

“Wij zijn ook constant in beweging”, vertelt Josse. En met ‘wij’ doelt hij op alle adviseurs binnen jonge honden. “Ik ben universitair geschoold, een echte generalist. Wat ik doe is de lijntjes verbinden met verschillende disciplines en sectoren.” Dat klinkt hartstikke leuk, maar is daar ook vraag naar? Volgens Josse wel. “Er is een groeiende behoefte.” De behoefte naar specialistische kennis blijft natuurlijk ook, maar om van alle losse eilandjes gemeenschappelijk grondgebied te maken – en daarvan gezamenlijk vruchten te plukken –, is een generalist gewenst. 

Frisse blik

Kenmerken van de jeugdige generalist: heeft een frisse blik, is energiek, bezit recente academische kennis, is een doorzetter, nieuwsgierig van aard en kiest voor een creatieve aanpak. Kenmerkend voor de organisatie is de volgende inside-joke: wanneer je jezelf hoort zeggen: ‘Hoef je niet te proberen, dat is al een keer gedaan’, is het tijd om je spullen te pakken. 

Logge organisaties komen vaak maar moeizaam in beweging en zetten de hakken al snel in het zand. “Daarom komen wij binnen en werken we mee. We komen met frisse ideeën op vraagstukken of richten processen anders in.” Volgens Josse gaat het om maatwerk. “Het zit ‘m in de kleine dingen.”

Niet rapporterig

Rapporten, daar heeft hij niet zoveel mee, liever neemt hij opdrachtgevers mee en geeft ze handvatten als in: hoe doe je dit, hoe kom je tot resultaten? “En als ik dan een rapport op moet leveren, is-ie niet rapporterig, maar lekker visueel. Ik geloof in de kracht van minder woorden en meer beeld.” 

Bouw & infra

Ook in de wereld van bouw en infra is beweging nodig, dat is geen verrassing, dat zeggen meer mensen. “De bouwwereld is traditioneel”, vindt ook Josse. En nu werkt hij mee aan een giga-duurzaam project waarbij hij de verbinder is tussen de bruggenbouwers. En dat laatste mag je zeer letterlijk nemen. Josse is nu al een jaar betrokken bij het project rondom de bruggen van de Floriade. Waarbij de Floriade met als thema ‘Growing Green Cities’ wel een top-incentive is om het project bruggen ook zo duurzaam mogelijk op te pakken. Of neer te leggen eigenlijk. “Het gaat zeker lukken, het was niet te vroeg. Maar we lopen nog wel tegen aardig wat zaken aan. Dat vraagt lef, gewoon doen en alle neuzen dezelfde kant op.” 

Vraagstukken

Josse zit als niet-bouwer en niet-infra’er aan tafel met bouwers, ICT’ers en contractbeheerders. “Zij bouwen bruggen en daar heb ik niet veel mee van doen.” Maar als er vraagstukken op tafel komen die die duurzame bruggen oproepen, dan komt Josse in actie. “Je komt van alles tegen.” Na het vangen van de vraagstukken, is het tijd om ze op te lossen. Josse vraagt zich dan af: Kunnen we dit verbeteren, kunnen we hier een norm van maken? “Ik deel de vraagstukken ook met het netwerk. Wij zijn niet de enige die anders willen.”

GDO

Deze samenwerking vraagt om vernieuwing. Daar is iets op bedacht. “We moeten alle info van de bruggen borgen. Dat doen we in GDO – Gemeenschappelijke Data Omgeving –, een systeem waarin architect, maker en gemeente [beheer] samenwerken.” Dankzij dit uitgebreide BIM-platform krijgen faalkosten minder kans. Slim, want zomaar een voorbeeld waar ze tegenaan liepen bij een van de bruggen, was dat het aangrenzende wegdek breder bleek te zijn dan de brug. “Schijnbaar gebeurt dat vaker. De info komt niet overeen.” De digitaliseringsslag die hiervoor nodig is, moet nu wel echt gemaakt worden. “Wij zijn daaraan begonnen en nu wordt alles eenduidiger ingericht. Die informatie is belangrijk. Ook voor toekomstige vraagstukken. Stel dat je materialen uit bruggen een tweede leven wilt geven, dan helpt het om op voorhand al die informatie eenduidig geborgd te hebben.”

Hoelang? 

Bruggencampus bestaat uit een samenwerking tussen provincie Flevoland en gemeente Almere. En natuurlijk wil je nu weten welke innovatieve bruggen gebouwd worden. Het gaat om een tweede-leven-brug, een bio-based brug en twee circulaire en innovatieve bruggen. En als ze liggen, kunnen we er veilig en met een goed gevoel overheen lopen, fietsen of rijden. Op dit moment is de vraag alleen nog wel: hoelang blijven ze goed? 

Josse legt uit dat we nog te weinig weten over de werking van bio-based materialen in een brug, daarom wordt er bij die brug gebruikgemaakt van real time sensoring. “Zo kun je meten hoe materialen reageren en in welke staat ze zijn. Met deze data kunnen we leren hoelang zo’n brug ongeveer meegaat.” De verwachting na onderzoek is dat het tweede leven van de tweede-leven-brug nog zo’n 50 jaar zal zijn. Daarna wordt bekeken of er nog jaren resten en zo ja, waar en hoe de brug deze jaren gaat slijten. Voor de circulaire bruggen geldt qua levensverwachting iets vergelijkbaars, maar daarover later meer. 

Bruggenbouwen 

“In Nederland moeten we ongeveer 40.000 bruggen vervangen in de aankomende 20 jaar. Op de oude manier is het nieuwe grondstoffen gebruiken en dan gaat de brug 50 tot 100 jaar mee. Daarna wordt de brug afgebroken. Dat is achterhaald.” Aan het uitputten van grondstoffen en die enorme afvalstroom moet nu een einde komen. Op een duurzame manier bruggenbouwen is niet per se duurder, maar door alle nieuwigheid is dit vooralsnog wel tijdrovend. 

Vraag en aanbod

Dat netwerk waar Josse het eerder over had, speelt ook een belangrijke rol in het bij elkaar brengen van vraag en antwoord. “Alles wat we tegenkomen in de praktijk kunnen we niet alleen oplossen. Dus samen met ons netwerk – van opdrachtgevers tot opdrachtnemers – pakken we bepaalde vraagstukken op en die kennis delen we breed. Als je kijkt naar de 40.000 bruggen die vervangen moeten worden, dan zijn er nog een heleboel vragen. Zoals: welke bruggen komen wanneer vrij, welke materialen komen vrij, wat kun je daarvan op welke manier hergebruiken?” Allemaal vragen die nog beantwoord moeten worden en waar nu hard aan gewerkt wordt.

Dura Vermeer had een brug weggehaald en wilde deze brug graag een tweede leven geven. Dat is alvast één brug. “Een brug voor fietsers en voetgangers.” Op maat gemaakt met een enkel nieuw onderdeel. De bio-based brug was al bedacht door onder andere de Technische Universiteit Eindhoven, nu is er ook een plek om de brug neer te leggen en te monitoren. “Daar is handig op ingehaakt”, vertelt onze verbinder. De circulaire bruggen, dat zijn er twee, zijn op dit moment in de maak. 

Circulaire bruggen

Josse vertelt wat er allemaal anders is aan de circulaire bruggen. “Dat begon al met de aanbesteding. Een challenge van meerdere dagen met opdrachtnemers en studenten. Er werd gezegd: dit zijn onze eisen, kunnen wij dit samen? Verschillende teams werkten aan verschillende bruggen. Met kaders, maar in samenspraak.” En van het begin af aan werken de partijen al samen in het eerdergenoemde GDO, om alle informatie goed te borgen. 

De bruggen zelf zijn ook anders. “Gemaakt van cementloos beton, ook wel geopolymeerbeton genoemd, gemaakt van reststromen uit Almere. Een van de twee bruggen krijgt een groenstrook tussen de rijbanen, goed voor de bijen en aan de zijkant komt groen voor wateropvang.” Deze brug is niet zoals de tweede-leven-brug en de bio-based brug alleen geschikt voor fietsers en voetgangers, ook zwaarder verkeer mag doorrijden. Zoveel nieuwigheid vraagt natuurlijk nog wel om extra informatie. De brug – en dan vooral het geopolymeerbeton – wordt goed gemonitord om al zijn gedragingen nauw bij te houden. 

Innovaties in praktijk

“Die bruggen krijgen nu vorm, dat vind ik gaaf. De innovaties in praktijk, dat is vet.” Volgens Josse kan iedereen zo’n brug bouwen. “Heb het lef om anders te willen doen. Dat is eerder willen dan kunnen. Er worden al flinke stappen genomen, maar dat mag meer. Dat moet meer.” 

Vraag aan het netwerk:

Josse: “Wil je nou met ons meewerken aan het verduurzamen van deze sector en een bijdrage leveren aan de vervangingsopgave? Of heb je een mooi voorbeeld vanuit de praktijk, hoe het anders kan? Laat het dan vooral weten via info@bruggencampus.nl”