BIM voor iedereen

BLOG
Innovatie
Jan Willem Kattouw
Information Manager in the construction industry
27 september 2021

Revolutionaire software speciaal voor de bouw. Jan Willem vertelt over satéprikkers in bruggen en maximale kostenbesparingen. We leren over de single source of truth en over netwerken die niet met elkaar ontbijten, maar met elkaar BIMmen. Welkom in de wereld van de GDO.

Het moet groot en complex, dat vooral. Jan Willem Kattouw, mede-eigenaar van CollaborAll, kiest niet voor de makkelijke weg. Hij gaat liever voor de ingewikkelde constructies, vandaar zijn fascinatie voor weg- en waterbouw.

Inefficiënte bouw

Met zijn laarzen in de klei leert hij bij de Noord-Zuidlijn al hoe inefficiënt de bouw werkt. Met zijn diploma voor hbo civiele techniek op zak vertrekt hij naar Twente voor: “Ik noem het maar even de MBA van de bouw.” En nadat hij, zo’n 8 jaar geleden, tegenover een vriend van zijn ouders uiteenzet hoe de toekomst van BIM er volgens hem uitziet, namelijk één verbonden systeem waarin je alles kunt zien wat er gebeurt en waar je planning en kosten aan gekoppeld hebt en alles erop en eraan, krijgt hij van Peter Kleinjan – zo heet die vriend – te horen dat zoiets al bestaat in Engeland.

Gemeenschappelijke Data-omgeving

Peter en Jan Willem besluiten die uitgebreide en revolutionaire software onder de noemer gemeenschappelijke data-omgeving, afgekort GDO, aan de man te brengen in Nederland. Logisch natuurlijk, want dit is de toekomst. Benieuwd wat er zo revolutionair aan is? Hier komt de pitch van Jan Willem: “Het is een platform tussen marktpartijen en eigenaren, zoals gemeente, overheid of opdrachtgever. En daarin beheer je centraal de informatie van de objecten die gebouwd worden. De eigenschappen, visualisatie, inspectiegegevens, keuringen, specificaties …, allemaal gekoppeld aan de ‘assets’.” En dat werkt, want bijvoorbeeld het project de Oosterweelverbinding Antwerpen maakt er gebruik van. 3D-ontwerpen, plannen en begroten, binnen toch niet het minste project. 

Bouwdata 

Denken in data komt gelukkig steeds meer op gang binnen de bouw, maar er wordt nog te veel gebruikgemaakt van traditionele software. Software waarmee bestanden worden uitgewisseld en waarbij het altijd gissen is of je werkt met de laatste versie. “Als je bijvoorbeeld aan de vernieuwing van een snelweg werkt en er zijn misschien wel 20 versies van dat ene bestand in omloop en iedereen is daar tegelijkertijd mee aan het werk, dan is dat supercomplex.” De A10 is wel een mooi voorbeeld. Op de A10 ligt asfalt en er is bijzonder veel info over dat asfalt te delen. Denk aan: asfalttype, belijning, milieuwaarden, wanneer aangelegd, waar komen de materialen vandaan … “Allemaal losgekoppelde stukjes die je, als je er een satéprikker doorheen prikt, bij elkaar wilt hebben. Ik wil alles weten.” De GDO borgt dus alle kennis als centraal geheugen, als een single source of truth.

Implementatie 

Wat CollaborAll doet, is niet de software implementeren bij slechts één bedrijf – nou ja, misschien doen ze dat ook wel –, maar dan met als hoofddoel het verbinden van netwerken. “Experts uit elk deel nemen wij aan de hand. Dat zijn verschillende partners per klus.” En al die partners worden dan samengebracht in de Gemeenschappelijke Data-omgeving. Dit is overigens een zeer letterlijke vertaling van common data environment.  Maar goed, die term wordt nog weleens uitgekleed tot het uitwisselen van documenten. Als dat is wat je eronder verstaat, dan heb je het nog niet begrepen.

GDO

Met faalkosten die de pan uitrijzen is de GDO echt een uitkomst. Laten we eens een kijkje nemen op de Floriade. Daar wordt met de GDO gewerkt. “We zijn begonnen met de Beverbrug en Rondje Weerwaterbrug, die hebben we begeleid en alles daaromheen.” Zo’n drie jaar geleden mocht Reimert Bouw starten met de bruggen en sindsdien begeleidt CollaborAll de realisatie daarvan. Inmiddels is het voordeel van GDO al zo bewezen, dat ze nu ook helpen bij het opleveren van het Floriadeterrein. Denk aan leidingen, wegen en verlichting die door de Ontwikkelcombinatie Amvest-Dura Vermeer worden gerealiseerd en door de Gemeente Almere in beheer worden genomen.

86.000 bruggen

Wat hier op dit terrein gebeurt, is magisch. Er ligt een onderzoek- en ontwikkelopdracht en daaromheen mag CollaborAll een methode ontwikkelen. De Bruggencampus ontwikkelt antwoorden op een giga-opgave: het vervangen van 86.000 bruggen in Nederland met een geschatte investering van 70 miljard euro. De Bruggencampus op de Floriade laat zien hoe je zo’n project slim kunt oppakken en hoe je nog slimmer alle info kunt delen. “Dat delen vergt afstemming, maar uiteindelijk maak je het wel beter.”

Feestje 

Als alles en iedereen werkt vanuit dezelfde informatie, wat een feestje zal dat zijn. Toch pakt niet iedereen deze uitnodiging met beide handen aan. Hoezo niet? We zoomen even in op de oplevering. Zo werken gemeentes traditioneel met 2D-tekeningen. Opdrachtnemers leveren dan ook veel – maar niet alle benodigde input – in 2D aan. De gemeente is druk bezig om de transitie naar 3D voor te bereiden. Daarbij komt dat niet alle marktpartijen al met 3D werken. “Op de early adopters na natuurlijk! Projectleiders en beheer en onderhoud werken nog op dezelfde manier. Ze zien het 3D-licht nog niet allemaal. Maar met 4D-planning kunnen ze zelfs visualiseren wat er allemaal gaat gebeuren op een bepaald moment in de tijd op een bepaalde plek. Zo heeft iedereen die daar iets mee moet doen direct inzicht. Dan hoeven er veel minder ‘bouw- en/of bereikbaarheidoverleggen’ gevoerd te worden. De grootste belemmering zijn echter de competenties van mensen.” Tijd om die lichtschakelaar te zoeken, want er is groot geld mee gemoeid. De ervaring leert tot nu toe, zegt Jan Willem, dat het met betrekking tot de bruggen – alles bij elkaar – de helft aan kosten kan schelen. 

Overdracht

Voor ontwikkelaars van de Floriade wordt de vraag nu: welke info wil de gemeente hebben? Jan Willem vertelt hoe nauw dit komt. “Gemeentes werken bijvoorbeeld met het kadaster, dan weet je waar de straat ligt, maar je ziet de stoeprand en het tegelpatroon niet. Je hebt wel documenten en kaartenmateriaal, maar die zijn niet gekoppeld.” Ook met het oog op de toekomst – circulariteit – is het voor een gemeente belangrijk om alles te weten over die bestrating. Hoeveel stenen liggen er, welk type, waar komen ze vandaan? Als de gemeente op orde heeft wat ze wil weten, dan kan deze informatie geleverd worden door de GDO. 

En dan zit je weer met systemen. Want waar slaan ze dat op? GDO is namelijk een projectomgeving. Is het project afgerond, dan laad je je project in lopende systemen. Dus: GDO verzamelt en beheert alle communicatie, maar gaat het over andere functionaliteiten, zoals grasmaaien, schoonmaken, verven … dan is daar een ander systeem voor nodig.

XYZ

“De gedachtegang is niet nieuw”, vertelt Jan Willem. Maar de sector heeft dit gedachtegoed gewoon nog niet omarmt. Eerlijk is eerlijk, het kost wel even tijd om alle info die er nu al is volgens de nieuwe werkwijze te koppelen, zodat overal die satéprikker doorheen kan. Gelukkig heeft Jan Willem ook hier een goed verhaal bij. Je kunt namelijk van 2D naar 2D-plus. “Zolang je op coördinaten werkt, kun je hetzelfde stukje ruimte terughalen. Een lantaarnpaal is op een 2D-tekening misschien een cirkel, maar plaats een standaardmodel van een lantaarnpaal op dezelfde plek. In combinatie met ontwerphoogte of satellietdata heb je XYZ. Je hebt niet per se de juiste maten, maar het representeert de werkelijkheid.” Nog zo’n slimmigheidje is het inlezen met scripts en zoektermen. “Vinden, verbinden en verbonden houden.” 

Eerlijk alles delen

Oké, de overdracht voor het beheer is dus nog een dingetje. Maar kijkend naar het begin van een project, kan spelen met open kaarten voor de diverse partners nog weleens een issue zijn. Gelukkig maakt ISO 19650 korte metten met de angst dat partijen vol vertrouwen gaan bouwen op jouw conceptversie. “Alle informatie wordt gestructureerd overgedragen en bijgehouden in de GDO. Met de fases: Work in Progress, Shared, Published en Archived.” Jan Willem roept op vooral wel te delen, anders zit iedereen weer in tijdnood. “Dan weet je in ieder geval al dat er geen tunnel, maar een brug wordt gebouwd.” En als niet iedereen een volledige tekening hoeft te bestuderen, dan zet je open wat voor die bewuste persoon relevant is. Dat kan ook nog. Vanuit veiligheidsoverwegingen is het bestuderen van tekeningen voor gevangenissen en kerncentrales uiteraard maar voor een enkeling weggelegd. 

Competenties

Tot slot nog even over de rollen en de competenties. Niet iedereen hoeft alles te kunnen, maar de competenties die bij je rol horen, moet je wel goed kunnen uitvoeren. En soms is bijscholing gewenst. “Een ontwerpleider die nu een 2D-tekening krijgt, daar met pen cirkeltjes op zet en die vervolgens teruggeeft, heeft vakinhoudelijke competenties, maar hij heeft geen competenties op digitaal vlak of op informatiemanagement. Met het gebruik van digitale tools kan het zijn dat er meer competenties nodig zijn voor je functie binnen een project. Voor sommige rollen wordt er meer van ze gevraagd, maar voor de ander weer minder. Kennis en vaardigheden verschuiven per rol. Iedereen moet zijn info kwijt in datzelfde systeem. Het moet niet een kunstje zijn van een paar mensen.” Op de bruggencampus zijn ze nu ook druk bezig met die rollen en competenties. Daar is nog een afkorting voor: GCO, Gemeenschappelijke Competentie-omgeving. 

Circulair

Op de Bruggencampus gaat CollaborAll met de GDO in de aankomende periode nog veel meer voorbeelden showen van slim digitaal bouwen. Met als doel om de hele bouw digitaal én circulair te maken, dan is het hele cirkeltje letterlijk rond. Circulariteit is iets waar CollaborAll zich in de toekomst sowieso nog meer op gaat richten. “Circulariteit binnen de bouw stimuleren is echt cruciaal in de toekomst.”


Meer weten over de Bruggencampus, lees dan ook het verhaal van Josse Reinsma.