Bespaar tijd en voorkom aannames

Beleid & advies
Ruimtelijke ontwikkeling
Maarten Reiling
Adviseur stedelijke ontwikkeling
01 april 2022

Veel organisaties zijn nog niet bekend met de mogelijkheden van beleidsonderzoek. Volgens Maarten Reiling, adviseur stedelijke ontwikkeling, is hiermee enorm veel winst te behalen. Nu worden besluiten nog te vaak genomen op onderbuikgevoel dat is gebaseerd op aannames. Maar beleid kun je ook baseren op onderzoek, feiten zijn altijd beter! Laten we eens een paar open deuren intrappen met verhelderende inzichten.

“Ik hou van onderzoek, cijfers zijn waardevol.” Maar meer nog dan onderzoek is het de combinatie van cijfers met stadsontwikkeling. Cijfers als middel, niet als doel. “Dat is mijn kracht en tevens de spagaat waar ik me in bevind.” 

In Leeuwarden startte hij met de opleiding docent aardrijkskunde. Maar alleen die studie was niet uitdagend genoeg en daarom kwam daar een studie culturele geografie bij, met daarbinnen een minor stedenbouw. 

Scriptie schrijven 

Afstuderen deed hij met een scriptie over een nieuwe vaarroute door het kanaal van Groningen naar Emmen. De provincie dacht: leuk, we gooien het kanaal weer open en maken er een doorvaart van voor pleziervaart. In het bijbehorende beleid stond dat de inwoners dit leuk zouden vinden en meer waardering voor hun omgeving zouden krijgen. Ooit was ditzelfde kanaal namelijk bestemd voor turfvaart. Maar na onderzoek, “Ik kwam bij iedereen over de vloer”, kwam Maarten erachter dat veel inwoners van diezelfde gemeente daar helemaal niet op zaten te wachten. Die waardering voor hun omgeving wás er al en het kanaal in de huidige vorm was het hart van hun dorp. Door een paar relatief eenvoudige ingrepen, Maarten noemt bijvoorbeeld een insteekhaventje naast het kanaal voor de dorpsbewoners, zouden ze er wel voor te porren zijn. “Dat vond ik fascinerend destijds”, zegt Maarten. Voor hem absoluut een stimulans om onderzoek hoog op de agenda te zetten.

Maar ja, dan ben je afgestudeerd, is er ineens een financiële crisis. Het woord cultureel dat op zijn diploma prijkte, was op dat moment niet zo in trek. Na een half jaar zoeken besloot hij het over een andere boeg te gooien. GIS [Geografisch Informatiesysteem], dat is ook leuk. Tijdens een stage had Maarten meegewerkt aan de Historische GIS van Friesland. Dat is een kaartviewer met de kadastrale situatie van het begin van de 19e eeuw.

Script schrijven

Hij start zijn carrière bij de gemeente Den Haag en schuurt direct tegen stadsontwikkeling aan. “Ik heb best wel wat zelf ontwikkeld. Ik ben geen programmeur, maar kan snel tot de essentie komen. Ook met techniek, alleen denk ik anders dan de gemiddelde techneut. Het is namelijk leuk zo’n script schrijven, maar ik wilde wel de beoogde resultaten behalen. Ik redeneerde vanuit de inhoud.” Na een paar carrière-stappen links en rechts is hij ijzersterk geworden in het verrichten van onderzoek en het leggen van de verbinding tussen verschillende domeinen. 

Patronen en trends

Zo ontdekt hij graag patronen en trends. “Denk aan de energietransitie: zonnepanelen op de daken van Den Haag. Maar waar liggen ze en bij wie? Daar zijn geen bronnen voor, je moet zelf een bron maken. Je onderzoekt dus woningen en bewoners.” Het patroon van de zonnepaneelkiezer: mensen met een eigen woning, een vaste gezinssamenstelling en een hoger inkomen. “Deze uitkomsten kun je naast je eigen beleid houden. Wie kiest ervoor en wie niet? Waar vallen grote stappen te maken?” Opvallend zijn de clustertjes. Als er één schaap over de dam is … Iets waar je als beleidsmaker op kunt sturen. 

Data vinden

Hij verricht dus zelf onderzoek, dat betekent dat Maarten ook heel goed weet waar hij zijn informatie vandaan moet halen. “Er is veel data beschikbaar, maar data is wel erg versnipperd, je kunt van alles op de kaart zetten, maar wat is je doel? Wat wil je inzichtelijk maken?” En die conclusies, hoe wil je ze weergeven? Voor hem is het maken van aantrekkelijke grafieken en hapklare visuals als een hobby. Veel beter dan staatjes met cijfers … 

Begrijpelijke teksten

Naast het visuele aspect heeft Maarten ook oog en talent voor het schrijven van een begrijpelijke tekst. “Ik wil mijn eigen adviezen ook kunnen lezen”, grapt Maarten. Hij kiest voor helder advies, bij voorkeur zonder vakjargon. Schrijven in ‘normale’ mensentaal, maar inhoudelijk juist. “Je doet het voor de maatschappij.” 

Domeinen knopen

Dan zijn er nog de diverse domeinen die Maarten graag aan elkaar knoopt. Want naast ruimtelijke ontwikkeling is er het sociaal domein of OCW. “Het is ouderwets om alleen maar vanuit het ruimtelijk domein te denken.” In Schagen – waar hij nog niet zo lang geleden gedetacheerd was via BVNG –werken ze nu aan het paraplu omgevingsplan, ter voorbereiding op de Omgevingswet. Toen Maarten daarvoor bezig was met zorgvoorzieningen in Schagen, keek hij niet alleen naar de ruimte, maar deed hij dat in samenwerking met medewerkers in het sociaal domein. ‘Waar lopen jullie nou tegenaan?’ Alsof er een open deur ingeschopt wordt, zo logisch … maar nog lang niet normaal. 

Technische kennis en gezond verstand

Het biedt meerwaarde als je data kunt combineren, zegt Maarten. “Kun je ruimtelijkeplannen.nl combineren met je eigen beleid?” Kaarten kun je laag over laag over laag over laag heen leggen. Wat een uitkomst. “Ik weet data te vinden en leer dat ook aan anderen. Als je weet wat er beschikbaar is en wat je ermee kunt, dan maakt het je werk eenvoudiger.” En ja, er komt wel ook een dosis technische kennis bij kijken, dat maakt het voor veel mensen binnen gemeenten lastig. 

Gelukkig is een dosis gezond verstand soms al voldoende. Bij een vergunningsaanvraag kijken in het kadaster bijvoorbeeld. “Voor heel Nederland heb ik alle topografie van het kadaster beschikbaar, inclusief percelen. Ook beschik ik over panden, bouwjaren en verblijfsobjecten. Handige gegevens om je advisering volledig mee te maken en inzicht te krijgen in wat er is.” Hij geeft een simpel voorbeeld. “Er komt een aanvraag binnen: we willen graag een woning bouwen, volgens het bestemmingsplan passen hier drie woningen, er staan er nu twee. Dan kijk je in de kadastrale gegevens en dan zie je dat er eigenlijk al vier staan. Het is makkelijk praten met de feiten voor handen.” 

Onder NAP

Nog zo’n leuke vraag die vraagt om juist onderzoek. “Het actuele hoogtebestand. Je hebt een hoogtekaart van Nederland. Vanuit satellieten ingemeten, heel gedetailleerd. Dat is handig in relatie tot bouwhoogten bij Schiphol. Als je een pand voorstelt van 20 meter hoog en je mag daar tot 17 meter hoog bouwen, is je eerste reactie ‘mag niet’. Maar als je kijkt hoe hoog dat is ten opzichte van NAP en het blijkt dat je drie meter onder NAP zit, dan past het dus toch.” 

Leraar Maarten

Als je in de leer gaat bij Maarten, bespaar je ook tijd. Mits je zijn adviezen niet alleen ter harte neemt, maar je werkwijze ook structureel aanpast. “Veel bestemmingsplannen worden getekend in AutoCAD, maar je kunt ook in GIS tekenen.” Niet iets waar veel tekenaars al graag aan willen. “Je kunt dan én tekenen én data koppelen.” Hoe handig is dat. “GIS is een database met de kaart als output, als visualisatie. Dat scheelt heel veel stappen, was je eerder een week bezig met zo’n kaart, nu kan dat binnen een halve dag.”   

Beleidsonderzoek 

Alles over elkaar heen leggen en ontdekken waar ruimte is. Er is nog een wereld te winnen. “Grote gemeenten doen dit al wel goed, maar kleine gemeenten zijn er nog niet bekend mee. Met aansprekende voorbeelden voor de eigen gemeente kun je collega's bewust maken van de meerwaarde van data voor ruimtelijke ontwikkelingen.” Het zou mooi zijn als alle gemeenten voor wie beleidsonderzoek nog onbekend is, een Maarten aanhaken. “Je hebt iemand nodig die niet alleen oog heeft voor het onderzoek, maar zich ook kan inleven in het beleid en inhoudelijk betrokken is. Vaak zijn dit gescheiden werelden die elkaar moeten vinden.” 

Data en nadenken

Tot slot wil Maarten nog wel een kanttekening plaatsen na zijn pleidooi voor data-gedreven werken. “Met data kun je veel bereiken, maar je moet wel zelf na blijven denken. Bij data worden ook fouten gemaakt. Gegevens zijn niet compleet of dienen een ander doel.” Als voorbeeld noemt hij de bomen in Den Haag. Er is daar een speciale dataset gemaakt met betrekking tot de bomen. Maar als je daar even op inzoomt, valt op dat de bomen van het Haagse bos er niet op staan. “Het zijn alleen de bomen in beheer door stadsbeheer Den Haag.” Nog een laatste tip: wil je data gebruiken, doe dit dan altijd met een bronvermelding, gebruikte selectie en gekozen combinatie erbij. Verschaf helderheid!