De ziel is uit de stad en dan houd je assets over

    Bent van Nierop
    Junior Projectontwikkelaar Van Wijnen

    Zolang de perverse prikkel van het grote geld op nummer één blijft staan, verandert er niets. Volgens Bent is bouwen aan Nederland iets sociaal-maatschappelijks, maar zien wij het vooral als een manier om veel geld te verdienen. Tijd om landschappen te zien als kansen in plaats van assets waar geld uitgepompt moet worden.

    Bent van Nierop begon met zijn schoenen in het beton en is inmiddels projectontwikkelaar. “Projectontwikkeling is ontzettend leuk en het fascineert me.” Hij aanschouwt bouwend Nederland vol verbazing, vooral het conservatieve gedachtengoed doet hem achter zijn oren krabben, want dat kan toch anders?

    Nederlands rompertje

    “Steden groeien en verdichten, in het rompertje van Nederland gebeurt veel.” Bent denkt aan het polderlandschap, stikstofproblematiek, bedrijvigheid, afgeknabbeld groen en de stad die maar uit blijft breiden. De vraag rijst, wat gaan we nu doen? Volgens Bent is het de hoogste tijd om bestemmingsplannen hard te maken, want de situatie is nijpend. De wens voor vooral windmolens in Utrecht vindt hij raar. Hij snapt dat het gebeurt, zeker met de klimaatdoelstellingen, maar nu gaat een gemeente keuzes maken op basis van afspraken op Europees niveau. “En natuurlijk moet natuur ingebed worden in plannen, een degelijk ontwikkelaar wil dat ook. Bij een mooi product hoort ook groen.” Maar in zijn ogen moet het Rijk duurzaamheid op Europees niveau beetpakken.

    Niet-duurzame businessmodellen

    Regelgeving loopt ook achter, zegt Bent. “Ze doen proeven in Amersfoort met het opslaan van energie die je met een grote batterij aan je buren kunt leveren, maar volgens de wetgeving mag dat nog niet.” En hoe duurzaam is duurzaam eigenlijk, vraagt hij zich af. “Businessmodellen rond duurzaamheid zijn niet duurzaam. Het is nog steeds een lineaire economie en je wilt het toch ook circulair maken.” Hij denkt daarbij aan de daken die vol pv-panelen liggen, uit China. “Lekker duurzaam!”

    Van wie is de stad?

    “Wat mij zeer doet, is dat je in steden ziet dat het wonen echt onbetaalbaar wordt, voor starters en soms ook doorstromers. Buurten worden geüpgraded en dat hele spel van hoe die buurt ooit is ontstaan, wordt eigenlijk alleen nog maar een omhulsel van allemaal gebouwen. Van assets waaruit je zoveel mogelijk geld probeert te pompen. Buurten zijn niet meer in evenwicht.”

    Hij vraagt zich af van wie de stad eigenlijk is, want de stad is niet alleen van de mensen met het meeste geld. “Lagere klassen worden de stad uitgedrukt en dat baart me zorgen. Verschillende bevolkingsgroepen moeten wel deel uitmaken van die stad en daar ontbreekt het weleens aan. Juist die diversiteit zorgt voor een economisch evenwicht en geeft de stad aantrekkingskracht.”


    "Als Urban-Innovators mensen kan aanzetten tot het opdoen van kennis en het geven van andere inzichten dan is het voor 110% geslaagd."

     

    Anonieme stad

    En deze trend zet zich ook door in de commerciële markt. Want beleggers kiezen voor solvabiliteit en dus voor grote ketens, kleinere winkeltjes verliezen terrein. “Het wordt een anonieme stad. En als je die emotionele binding niet meer hebt met je stad, plus dat je altijd tussen dezelfde mensen loopt, óf de yuppen óf de ouderen, dan verlies je de brede blik op de samenleving die juist bijdraagt aan tolerantie.”

    Volgens eigen zeggen is hij niet zo sociaal ingesteld. “Je bent de directeur van je eigen leven, dat moet je zelf organiseren, want dat gaat niemand anders voor je doen. Maar het is wel leuk als iedereen mee kan doen in die stad. En nu zijn sommige partijen zo dominant. De ziel is uit de stad en dan houd je assets over.”

    Betaalbaar initiatief

    Zelf zou hij wel een oud schoolgebouw willen kopen in Rotterdam. “Ga erin zitten met je net opgezette koffietent, we maken er een mooie leefomgeving van, een kleurrijke micro-samenleving. En ik zorg dat ik er wat casco appartementen in maak.” En hij weet wel dat dit soort initiatieven er al zijn, maar die worden dan weer voor veel geld in de markt gezet. Voor niets gaat de zon op, ook Bent wil verdienen, maar hij houdt het wel graag betaalbaar.

    Sociale urbanisatie

    Hij wil een probleem oplossen en een maatschappelijke vraag beantwoorden. “Wat zie ik gebeuren en hoe kan ik daarop antwoorden?” Dat dit niet zijn eindstation is, althans in de huidige vorm, moge duidelijk zijn. “Ik ga nog een master urbanisatie volgen gericht op gebiedsontwikkeling [MUAD]. Sociale urbanisatie, waarin die zachte kant naar voren komt.”

    Een projectontwikkelaar kijkt binnen de kaders van zijn eigen project en wat Bent wil, is over deze grenzen heen kijken. “Laten we ons proberen voor te stellen hoe we daar wonen. Je moet slapen in de wijk en weten welke bomen er staan. Daarna kun je transformeren, renoveren of een combinatie daarvan.” Om over die grenzen heen te kijken en vanuit de breedst mogelijke blik weer in te zoomen op een project met kaders, heb je een divers team nodig. Voor een integrale ontwikkeling denkt Bent aan stedenbouwers, planologen, antropologen, sociologen, architecten en commerciële mensen.

    Integraal als marketing

    Een goed ontwikkelaar die pretendeert integraal te werken en daar mooie kernwaarden bij heeft, daar gelooft Bent niet altijd in. “Dat is marketing. Misschien ben ik wel te negatief en werkt de wereld niet zo, maar het zijn toch niet alleen woorden.”

    Projectontwikkelaar van vandaag

    Zonder waardeoordeel vertelt hij dat de projectontwikkelaar van vandaag vooral gefocust is op rendement. “Er wordt nu gekeken naar ‘wat hebben wij in de kast staan en kan ik dat wegzetten?’, in plaats van ‘waar heeft dit gebied behoefte aan?’ En dat wat al in de kast staat, wordt ingepakt als oplossing. Maar door creatiever te kijken, zie je kansen!” Verdiep je in de vraag en los ook andere problemen op, is zijn mening. “Met een conceptwoning is niets mis, dat is betaalbaar. Maar laat sub-urbs dan wel onderdeel uitmaken van de stad. Geef ze een eigen identiteit, waarom mag dat geen tweede centrum worden, een soort tweede dorp binnen die grotere stad?”

    Kantoorschimmel

    En misschien maakt hij zich er ook wel gewoon te druk om, geeft hij toe. Zijn vrienden zijn er een stuk minder mee bezig. “Maar een stukje groen met een vieze sloot. Twee bomen die niet volgroeid zijn. Is dat de invulling van groen binnen gebiedsontwikkeling? We kunnen naar de maan vliegen en dan bedenken we dit!” En hij snapt dat alles onder druk staat met bouwprijzen die de pan uitrijzen en een overheid die roept: meer bouwen! Maar hij roept op om niet dezelfde fouten te maken. “Nu verafschuwen we de kantoorschimmel van de jaren 80. Had er iets meer aandacht aan besteed, dat hoeft niet veel geld te kosten. Denk wel na over de dynamiek en het DNA van dat gebied wat je daar aan het maken bent.”

    Er zijn wel andersoortige mensen nodig om te voorkomen dat de geschiedenis zich gaat herhalen en de problemen doorschuiven naar de volgende generatie. Gelukkig is het zwart-witdenken nu wel meer verschoven naar lichtgrijs-donkergrijs, vertelt Bent. Maar hij blijft zijn vakgebied raar vinden. “Je gaat iets bouwen in een omgeving waar iedereen plezier of last van heeft. Het bouwen van Nederland is iets heel sociaal-maatschappelijks, maar we zien het als een manier om veel geld mee te verdienen.” Hij begrijpt heel goed dat geld belangrijk is en daar is volgens hem niets mis mee. Maar het zou niet op nummer één moeten staan.


    Lees de vraag aan de Urban-Innovators community op de Linkedin groep:

    Ga naar groep

     

    Lees verder

    Bloggers uitgelicht

    Kirsten Bekkers
    Kirsten Bekkers
    Ruimtelijk onderzoeker conceptontwikkeling
    Jan Nathan Rozendaal
    Jan Nathan Rozendaal
    Burgemeester gemeente Elburg
    Astrid Nienhuis
    Astrid Nienhuis
    Burgemeester gemeente Heemstede
    Andy van den Dobbelsteen
    Andy van den Dobbelsteen
    Hoogleraar Climate Design & Sustainability, fac. Bouwkunde TU Delft